Welkom op de weblog van Praktische Economie, de methode Economie voor havo en vwo van uitgeverij Malmberg. Dit blog biedt u als docent tal van handreikingen om actualiteit in de klas te brengen. Twee keer per maand selecteert onze redacteur een actueel onderwerp voor u en voorziet deze van een set opdrachten die aansluiten bij de kennis en verschillende vaardigheden die daarbij aan bod komen. U kunt in dit blog zoeken op thema of op niveau, leerjaar en hoofdstuk.
Leuk én leerzaam om uw les mee op te starten of af te sluiten!
Posts tonen met het label h | M4 - H1. Alle posts tonen
Posts tonen met het label h | M4 - H1. Alle posts tonen

dinsdag 17 mei 2016

Nul procent inflatie

Stunten met smartphones
Er is in Nederland op dit moment geen inflatie. In januari vorig jaar hebben we dat ook meegemaakt, maar voor een tweede voorbeeld moeten we terug naar 1987!
Sommige producten stijgen wel in prijs, maar bijvoorbeeld mobieltjes zijn de laatste weken juist flink afgeprijsd.
Niet iedereen profiteert van de nul procent inflatie. Wie in deze tijd zijn mobiel vervangt heeft geluk. Wie veel tijdschriften koopt, heeft pech. Tijdschriften zijn het afgelopen jaar gemiddeld bijna 10% duurder geworden.

1 Bekijk de video. Welk ander product, naast het mobieltje, heeft flink bijgedragen aan het ontbreken van inflatie?

2 Bestudeer onderstaande bron. Wie had in de periode 2013 - 2015 het minst last van inflatie?
A Jos gaat vaak naar de bioscoop, soms naar de kapper, maar eet nooit pizza.
B Habib gaat regelmatig naar de bioscoop, vaak naar de kapper en eet soms pizza.
C Paul gaat soms naar de bioscoop, regelmatig naar de kapper en eet vaak pizza.

Bron 1: drie consumentenprijzen (CBS)

3 Zonder inflatie blijft de koopkracht van het geld op peil. Bekijk onderstaande video. Hoeveel procent daalt de koopkracht van het geld als de prijzen verdubbelen (en de inflatie dus 100% is)?
4 Hoe kan de koopkracht van mensen dalen terwijl ze daar niet van bewust zijn?


maandag 15 juni 2015

In Zimbabwe kost één dollar 35 biljard

Zim-dollar aan inflatie ten onder
In Nederland en de andere eurolanden betalen we met euro's. In Zimbabwe betaalt de bevolking met Zimbabwaanse dollars. Maar het land heeft besloten om de eigen dollar af te schaffen. Want de Zimbabwaanse munt is bijna niets meer waard.
Een voorbeeld: je hebt nu 35 biljard Zimbabwaanse dollars nodig om één Amerikaanse dollar te kunnen kopen. Binnenkort kunnen de inwoners van Zimbabwe alleen nog met buitenlands geld betalen, in de praktijk vooral de Amerikaanse dollar.

De afbeelding toont een Zimbabwaans bankbiljet van 100 'trillion dollars'. In de Engelse taal is een 'trillion' niet gelijk aan een triljoen in de Nederlandse taal. Een triljoen past in de Nederlandse taal als volgt in het volgende rijtje:
1 miljoen = 1.000.000
1 miljard = 1.000 x 1 miljoen (dus een 1 met negen nullen)
1 biljoen = 1.000 x 1 miljard (een 1 met 12 nullen)
1 biljard  = 1.000 x 1 biljoen (een 1 met 15 nullen)
1 triljoen = 1.000 x 1 biljard (een 1 met 18 nullen)

1
Tel het aantal nullen op het Zimbabwaanse bankbiljet. Hoeveel Zimbabwaanse dollars is bovenstaand bankbiljet in onze taal waard?
A 100 biljoen Zimbabwaanse dollars
B 10 biljard Zimbabwaanse dollars
C 1 triljoen Zimbabwaanse dollars

2
Hoeveel bankbiljetten van de afgebeelde waarde moeten inwoners in Zimbabwe inruilen om één Amerikaanse dollar te kunnen kopen?

3
Bekijk het filmpje. Hoe zag de portemonnee van Zimbabwaanse consumenten er uit in de tijd van hyperinflatie?

4 Lees bron 1 en 2.
a Wat was de oorzaak van de hyperinflatie?
b Wie profiteert van hyperinflatie, wie is de dupe?

5 Het gebruik van de Amerikaanse dollar in Zimbabwe heeft een belangrijk nadeel. Leg uit hoe het gebruik van een buitenlandse munt als binnenlands ruilmiddel de groei van de welvaart kan beperken.

Bron 1
Schuldig aan de hyperinflatie is volgens economen de Zimbabwaanse president Robert Mugabe. Omdat Mugabe eind jaren negentig geen geld had, besloot hij de drukpersen aan te zetten in een poging de steun van zijn oude bondgenoten, veteranen van de onafhankelijkheidsoorlog, terug te kopen.
Maar ook daarna liet Mugabe bij elke economische tegenvaller opnieuw extra geld drukken, waardoor de Zimbabwaanse dollar vanzelf minder waard is geworden (Vrij naar de morgen.be)

Bron 2
Het is nu officieel, maar de Zimbabwaanse dollar wordt in de praktijk al een aantal jaar nauwelijks of niet meer gebruikt. Na het verlaten van de Zimbabwaanse dollar als lokale munt, zijn alle lokale schulden weggevaagd en kon het land beginnen met een schone lei. Met dank aan de hyperinflatie, die alle nog bestaande spaarders aan flarden scheurde. De schuldenaren profiteerden, maar de hyperinflatie maakte ook een verse start voor de regering mogelijk.
Het is nu een land zonder centrale bank en zonder lokale valuta. Er is dus geen centrale bank meer die de lokale banken kan steunen als ze het moeilijk hebben. De banken in Zimbabwe zijn daarom heel voorzichtig in het uitlenen van (Amerikaanse) dollars.
(Vrij naar goldonomic.be)


maandag 30 maart 2015

Sparen kost geld

De rente daalt
Onlangs kopte de Telegraaf:
'Rabobank bereidt zich voor op negatieve spaarrente'.

De laatste jaren is de spaarrente flink gedaald. Maar binnenkort kan de rente zelfs negatief worden, blijkt uit het artikel van de Telegraaf. Consumenten ontvangen dan geen rente over hun spaargeld, maar moeten juist rente betalen. Sterker: de rente is nu hier en daar al negatief:
 
Staat leent 2,5 miljard tegen negatieve rente
De Nederlandse staat heeft bijna 2,5 miljard euro geleend met een negatieve rente. De staat leent 1,17 miljard euro die op 31 augustus terugbetaald wordt met een rente van -0,205%. Een lening van 1,3 miljard met een looptijd tot 29 mei kwam uit op -0,2%.
(Vrij naar de Telegraaf, 16 maart 2015)

1 Bedenk een reden waarom een pensioenfonds liever een miljard euro tegen negatieve rente aan de staat uitleent dan het op kantoor zonder kosten in de kluis te bewaren.

Op radio 1 werd onlangs een korte reportage over de negatieve rente uitgezonden.

2 Luister naar het item over negatieve rente op radio 1 en schrijf samen met een medeleerling de belangrijkste punten uit de reportage op.   

zaterdag 28 februari 2015

Studenten in de schulden

Deze opdracht gaat over jouw toekomst. Je zit nu in de bovenbouw van havo of vwo. Waarschijnlijk kies je voor een vervolgopleiding. Dan
val je in een nieuwe regeling. Want de basisbeurs verdwijnt en het leenstelsel komt er voor in de plaats.

Wat verandert er precies?
Bekijk de video en lees in bron 1
wat er vanaf september gaat veranderen.


Je kunt het leenstelsel (in vergelijking met de basisbeurs) bekritiseren of juist positief benaderen. Daarbij kun je kijken naar het maatschappelijk en economisch belang, maar ook naar de rechtvaardigheid, gelet op het verschil in inkomen van ouders.

Maak onderstaande vragen met een medeleerling. Beantwoord de eerste vraag gezamenlijk. Kies bij vraag 2 en 3 ieder een stelling en verdedig die aan de ander. Beoordeel van elkaar of de stelling met een goed argument verdedigd wordt.

1 Leg uit dat goed opgeleide jongeren voor positieve externe effecten zorgen in de Nederlandse economie.

2A Verdedig de mening dat het leenstelsel afbreuk doet aan de productiefactor menselijk kapitaal.
2B Verdedig de mening dat het leenstelsel de kwaliteit van de productiefactor menselijk kapitaal juist verhoogt.

3A Verdedig de mening dat het leenstelsel ten aanzien van de inkomensverdeling een eerlijker systeem is dan het oude beurssysteem.
3B Verdedig de mening dat het leenstelsel bij de vergelijking van studenten met ouders met een laag inkomen en studenten met ouders met een hoog inkomen een oneerlijker systeem is dan het oude beurssysteem.

Bron 1
1. Wat gaat er veranderen?
Het leenstelsel gaat de basisbeurs vervangen. Vanaf september krijgen studenten geen geld meer van de overheid, maar moeten ze dat gaan lenen.

2. Waarom wil het kabinet een leenstelsel invoeren?
Door studenten geld te lenen voor hun studie in plaats van te geven, wil het kabinet geld besparen. Dat moet honderden miljoenen per jaar opleveren. Dat geld kan dan weer worden gestopt in verbetering van het onderwijs en onderzoek. Ook wordt een deel van het geld gebruikt om de aanvullende beurzen te bekostigen.

3. Hoe zit het voor kinderen van ouders die weinig geld hebben?
Voor kinderen van ouders met een inkomen tot 46.000 euro, blijft er net als nu een aanvullende beurs beschikbaar. Deze vergoeding wordt zelfs iets hoger, maximaal 365 euro per maand. Verdienen ouders boven de 46.000 euro, is er geen aanvullende beurs meer beschikbaar. Die studenten moeten gaan lenen.

4. Wat moeten studenten straks gaan lenen?
Een uitwonende student krijgt nu nog 279 euro per maand. Dat is 3348 euro per jaar en ruim 13.000 euro in vier jaar. Dat is een student straks dus minimaal kwijt om te kunnen studeren.

5. En hoe zat het ook al weer met de ov-kaart voor studenten?
Aanvankelijk zou de ov-jaarkaart voor studenten worden afgeschaft. Maar hij blijft.

6. Hoe moet je als student straks gaan afbetalen?
Dat afbetalen begint pas als je het minimumloon - bijna 1500 euro - verdient. Over het aflossen van de schuld kan 35 jaar worden gedaan. En het bedrag dat afgelost moet worden, kan nooit meer zijn dan 4 procent van het jaarinkomen.
(Vrij naar RTL Nieuws)